Rechtspraak: Recht op onvoorwaardelijke indexatie

apr 09

Printen?
Download hieronder het pdf bestand.

Download PDF bericht

Inleiding

In een recent arrest van het hof Den Haag stond de vraag centraal of het recht op onvoorwaardelijke indexatie gewijzigd kan worden. In dit nieuwsbericht gaan wij in op de uitspraak van het hof.

De feiten

In deze zaak van 21 januari 2020 was het de vraag of het in strijd is met de Pensioenwet om het recht op onvoorwaardelijke indexatie van een deelnemer (hierna: appellant) om te zetten naar voorwaardelijke indexatie. Appellant trad op 1 november 1987 in dienst bij (de rechtsvoorganger van) Allianz. Middels een incorporatiebeding in de arbeidsovereenkomst was appellant gebonden aan de cao. Op basis van een gemitigeerde eindloonregeling bouwde appellant pensioen op bij Amev (inmiddels a.s.r.). Deze regeling houdt in dat er een recht is op onvoorwaardelijke indexering na beëindiging van de deelneming.

Vanaf 1 januari 2001 heeft Allianz de pensioenovereenkomst van appellant ondergebracht bij zijn eigen ondernemingspensioenfonds. Appellant heeft verklaard niet akkoord te gaan met de waardeoverdracht van zijn bij de pensioenverzekeraar opgebouwde aanspraken naar het ondernemingspensioenfonds.

In 2011 is de cao gewijzigd, waardoor de toeslagverlening van onvoorwaardelijk naar voorwaardelijk is gegaan.

Tot 1 januari 2013 is het pensioen van appellant volledig geïndexeerd. Daarna niet meer, omdat de cao waar  hij onder valt sinds 2013 geen recht meer geeft op onvoorwaardelijke indexatie. Appellant naar de rechter gestapt om zijn recht op onvoorwaardelijke indexatie af te dwingen.

Beoordeling door de rechter

De kantonrechter heeft de vorderingen van appellant afgewezen. Volgens de kantonrechter beriep appellant zich op een artikel in het pensioenreglement dat voor gewezen deelnemers was, en appellant was toen nog geen gewezen deelnemer.

Het hof denkt er anders over. Appellant heeft gesteld dat de wijziging van onvoorwaardelijke naar voorwaardelijke indexatie in strijd is met artikel 20 van de Pensioenwet (PW).

Artikel 20 Pensioenwet luidt: “In geval van een wijziging van een pensioenovereenkomst worden de voor de aanspraakgerechtigden tot het tijdstip van wijziging opgebouwde pensioenaanspraken niet gewijzigd, behoudens het bepaald in de artikelen 76, 78, 83 en 134.”

Het hof gaat met het betoog van de appellant mee dat een pensioenaanspraak met onvoorwaardelijke indexatie niet zonder instemming van de werknemer kan worden gewijzigd in een pensioenaanspraak met voorwaardelijke  indexatie. Het feit dat de cao in de wijziging voorziet, betekent niet dat er gehandeld mag worden in strijd met artikel 20 Pensioenwet. Een onvoorwaardelijke toeslag is een pensioenaanspraak in de zin van de Pensioenwet en kan dus niet meer worden gewijzigd voor pensioenaanspraken die zijn opgebouwd tot het moment van wijziging van de pensioenregeling, aldus het hof.

Deze uitspraak betekent dat de opgebouwde pensioenaanspraken moeten worden geïndexeerd op basis van de onvoorwaardelijke toeslag. Het fonds stelt dat dit zal leiden tot ‘ernstige financiële gevolgen, een enorme daling van de dekkingsgraad van het pensioenfonds, korting van het pensioen voor alle betrokkenen, instabiel arbeidsvoorwaardenoverleg, de verplichting om alle toekomstige onvoorwaardelijke indexatie voor alle deelnemers in één keer te moeten affinancieren tot aan de verwachte sterfdag van alle deelnemers, mogelijke faillissementen en grote gevolgen voor alle pensioenuitvoerders met onvoorwaardelijke indexatie op 1 januari 2007 (datum inwerkingtreding Pensioenwet).’

Het hof gaat hier niet op in, omdat ze vindt dat het onvoldoende is gemotiveerd. Allianz en a.s.r. worden veroordeeld tot onvoorwaardelijke indexatie van de pensioenaanspraken die appellant tot 2001 heeft opgebouwd. Ons is niet bekend in hoeverre partijen tot cassatie zijn overgegaan.

Collectief invaren in het nieuwe pensioenstelsel en dit arrest

Het kabinet wil de mogelijkheid bieden bestaande pensioenaanspraken en pensioenrechten collectief in te varen in het nieuwe pensioenstelsel. Dit is een wijziging van opgebouwde pensioenaanspraken, omdat het nieuwe pensioencontract geen nominale garantie meer zal hebben. Op dit moment verbiedt de Pensioenwet een wijziging van de opgebouwde pensioenaanspraken, tenzij er sprake is van een collectieve waardeoverdracht via artikel 83 Pensioenwet, waarbij de deelnemer de mogelijkheid heeft bezwaar te maken. Om een mogelijkheid te creëren om collectief in te varen zonder de mogelijkheid van bezwaar zal de wet derhalve moeten worden aangepast. Ook bij een dergelijke wetswijziging zal er niet zomaar collectief ingevaren kunnen worden, dit zal op een evenwichtige manier (artikel 105, lid 2 Pensioenwet) moeten gebeuren, waarbij bepaalde groepen niet meer bevoordeeld worden dan anderen.

Disclaimer
Swalef streeft er naar de informatie correct en actueel te verstrekken. Aan de informatie die is verstrekt kunnen echter geen rechten worden ontleend.
Swalef aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor de inhoud en de informatie in dit nieuwsbericht.