Pan-Europees Pensioen Product (PEPP)

mrt 02
Maatwerk en open inschrijvingen swalef

Printen?
Download hieronder het pdf bestand.

Download PDF

PEPP is volgens de Europese Commissie een derde pijler product en moet grensoverschrijdende uitvoering van pensioensparen zo eenvoudig, veilig en kosteneffectief mogelijk maken. Omdat Europese wetgeving vóór nationale wetgeving gaat, kan PEPP ook gevolgen hebben voor het pensioensysteem in Nederland.

Op 29 juni 2017 publiceerde de Europese Commissie een voorstel voor een verordening voor een Pan-Europees Persoonlijk Pensioenproduct, het PEPP. Het Europees Parlement heeft hierop een aanpassingsvoorstel ingediend dat 19 maart a.s. gepubliceerd zal worden.

In dit nieuwsbericht zetten wij de belangrijkste zaken over deze nieuwe Europese pensioenvoorziening op een rijtje.

Achtergrond van PEPP
Volgens de Commissie worden EU burgers belemmerd om een baan te nemen of om met pensioen te gaan in een andere lidstaat. Dit omdat persoonlijke pensioenproducten moeilijk mee te nemen zijn en er grote verschillen zijn tussen nationale pensioen markten.

Doelen van PEPP
Om deze grensoverschrijdende belemmeringen weg te nemen, heeft PEPP verschillende doelen:

Ten eerste helpt het langetermijninvesteringen te vergroten die bij kunnen dragen aan economische groei in Europa. Volgens een studie van EY, gepubliceerd door de Commissie in juni 2017, zorgt het PEPP voor een toename van € 700 miljard van de kapitaalmarkt.

Ten tweede wordt een simpel, transparant en enigszins gestandaardiseerd product voorgesteld dat moet aansluiten op bestaande (nationale) pensioenproducten in plaats van deze te vervangen.

Als laatste streeft het voorstel een vergroting van grensoverschrijdend aanbod van persoonlijke pensioenproducten na en brengt daardoor meer concurrerende pensioenproducten op de interne markt. Zo kunnen consumenten dus kiezen uit een groter aanbod van pensioenproducten. Ook krijgen zij de mogelijkheid deze pensioenproducten over te dragen naar een andere EU lidstaat. PEPP-spaarders die naar een andere lidstaat verhuizen, hoeven niet naar een andere aanbieder over te stappen, het kan echter wel.

Gevolgen van PEPP
De Commissie stelt dat de verantwoordelijkheid voor de inrichting van de pensioenstelsels bij de lidstaten blijft. Volgens Artikel 5 van het Voorstel PEPP Verordening, zijn alleen gereglementeerde financiële instellingen bevoegd om PEPP’s aan te bieden. Deze instellingen, zoals bijvoorbeeld banken, verzekeraars, instellingen voor bedrijfspensioenvoorzieningen (IORP’s) en beleggingsinstellingen, kunnen vervolgens een vergunning aanvragen bij EIOPA om een PEPP te ontwikkelen en te distribueren. Zo mag een aanbieder de benaming ‘PEPP’ of ‘Pan-Europees persoonlijk pensioenproduct’ alleen gebruiken na een vergunning van EIOPA.

Toezicht op de PEPP-aanbieder wordt voorzien door de nationale toezichthouder, EIOPA coördineert dit.

Eén van de toegestane financiële instellingen die PEPP’s zou kunnen aanbieden zijn IORP’s. Dat zou kunnen betekenen dat Nederlandse pensioenfondsen en PPI’s ook PEPP’s aan kunnen bieden. Door een PEPP te laten aanbieden door IORP’s raakt het voorstel ook de tweede pijler. Daarnaast zorgt de nationale verantwoordelijkheid voor de inrichting van de pensioenstelsels ervoor dat pensioenfondsen in het geval van derdepijlerproducten, onder de reikwijdte van bepalingen in de Wet op het financieel toezicht worden gebracht.

In het aanpassingsvoorstel van het Europees Parlement staat dat een PEPP aangeboden mag worden door IORP’s, zolang deze niet zelf biometrische risico’s dragen en ook geen garanties doen voor de hoogte van uitkeringen of het rendement. In Nederland zal dat betekenen dat PPI’s wél een PEPP mogen aanbieden, maar pensioenfondsen niet.

Informatievoorziening
De voorgestelde verordening geeft uitvoerige informatievoorschriften. De aanbieders zullen in eerste instantie, alle informatie over het PEPP elektronisch aan (potentiële) PEPP-spaarders en gerechtigden aanbieden. Op verzoeken dient deze informatie ook kosteloos schriftelijk te worden verstrekt. Het verstrekken van precontractuele informatie is essentieel voor het maken van een gefundeerde keuze om als spaarder een PEPP af te sluiten. De aanbieder moet dit informatiedocument dan ook op zijn website plaatsen. Daarnaast stellen PEPP-aanbieders voor iedere PEPP-spaarder een beknopt, gepersonaliseerd document met essentiële informatie op, dit sluit aan op de bepalingen uit de IORP-II richtlijn.

Fiscaliteit
Tegelijk met het voorstel van een PEPP heeft de Commissie een aanbeveling gepubliceerd voor de fiscale behandeling van persoonlijke pensioenproducten waaronder het PEPP. Hierin wordt de aanbeveling gedaan aan lidstaten om het PEPP fiscaal te behandelen zoals vergelijkbare nationale pensioenproducten. De fiscale behandeling blijft dus een nationale competentie. Dit omdat de belastingregimes in de verschillende EU Staten van elkaar verschillen. Daarnaast verschilt ook de pensioenleeftijd per lidstaat.

In de reactie van het kabinet op deze aanbeveling staat dat Nederland niet voornemens is deze aanbeveling op te volgen. Reden hiervoor is dat voor fiscale facilitering van een PEPP bij uitvoering van de aanbeveling minder strenge regels zouden gelden dan voor binnenlandse derdepijlerproducten. Er zal dan ook geen fiscale faciliteit worden verleend indien een derdepijlerproduct niet volledig aan de gestelde voorwaarden in de Nederlandse fiscale wet- en regelgeving voldoet.

Fiscale compartimenten
PEPP-spaarders die naar een andere lidstaat verhuizen, hoeven niet over te stappen naar een andere PEPP-aanbieder. Zij kunnen blijven sparen in het PEPP dat zij met de aanbieder in de oorspronkelijke lidstaat hebben afgesloten.

Het verschil in de fiscale wetgeving tussen lidstaten maakt het noodzakelijk dat bij grensoverschrijding van een spaarder de uitvoerder compartimenten moet aanbrengen in het product. Elk compartiment voldoet aan de wettelijke eisen en voorwaarden voor het gebruik van fiscale wetgeving die een lidstaat vaststelt voor een PEPP. Volgens de oorspronkelijke verordening is de uitvoerder verplicht om na 3 jaar compartimenten van alle 28 lidstaten aan te kunnen bieden. Het aanpassingsvoorstel stelt echter een verlichte eis waarin aanbieders kunnen besluiten om zich in eerste instantie tot een aantal landen te beperken.

Overstappen
Er kan een overstap plaatsvinden tussen aanbieders. Overstappen kan tussen PEPP-aanbieders gevestigd in dezelfde lidstaat, of tussen PEPP-aanbieders gevestigd in verschillende lidstaten. De ontvangende PEPP-aanbieder is verantwoordelijk voor het beheren van het proces namens de spaarder. De overdragende aanbieder moet alle relevante informatie aan de ontvangende aanbieder verstrekken. Er kan alleen overgestapt worden naar een andere PEPP-aanbieder en dus niet naar een lijfrente die onder nationaal recht valt of naar een pensioenregeling.

Conclusie
Met het voorstel van de Commissie om een Pan-Europees Persoonlijk Pensioenproduct, wordt een derde pijler product en grensoverschrijdende uitvoering van pensioensparen mogelijk gemaakt. De verantwoordelijkheid voor de inrichting van de pensioenstelsels en fiscale behandeling van persoonlijke pensioenproducten blijft een nationale competentie.

Disclaimer
Swalef streeft er naar de informatie correct en actueel te verstrekken. Aan de informatie die is verstrekt kunnen echter geen rechten worden ontleend.
Swalef aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor de inhoud en de informatie in dit nieuwsbericht.

Swalef pensioenjuristen en academie

Geschreven door

Swalef pensioenjuristen en academie | Ons bevlogen team van pensioenjuristen adviseert jou graag over pensioenjuridische kwesties. Vanuit de Academie verzorgen verschillende onafhankelijke docenten die opereren in de top van hun vakgebied, gecertificeerde pensioenopleidingen.