Blog | nFTK voor niet-actuarissen - door Léon Zijlmans AAG

sep 10
Leon Zijlmans AAG

Vraag aan een accountant hoeveel 1+1 is en hij zal antwoorden “precies 2”. Een wiskundige zal antwoorden “ongeveer 2” maar een actuaris zal een wedervraag stellen: “Hoeveel wilt u dat er uit komt?”.

Dit mopje doet al vele jaren de ronde binnen de actuariële wereld. Het gaat echter niet over mogelijke malafide berekeningsmethoden door louche actuarissen (als die er al zijn), maar over het feit dat er meestal wel enige ruimte zit in de uitgangspunten voor actuariële berekeningen. Zo ook bijvoorbeeld binnen het FTK voor pensioenfondsen.

Op basis van de uitkomsten van de berekeningen van de adviserend actuaris worden door het pensioenfondsbestuur conclusies getrokken en daarmee vervolgens besluiten genomen voor een mogelijke aanpassing van het beleid. Hierbij worden de berekeningen van de actuaris als ‘fait accompli’ gezien waarover niet valt te discussiëren. Niets is minder waar!

Oké, over de rekenrente kunnen we kort zijn, deze is de door DNB gepubliceerde rentetermijnstructuur (RTS): geen discussie mogelijk. Maar voor de vaststelling van de technische voorziening moet ook rekening worden gehouden met ‘prudente verzekeringstechnische grondslagen’, zoals de verwachte overlevingskansen van de deelnemers. Dit gebeurt met verwerking van de voorzienbare trend in overlevingskansen inclusief ‘fondsspecifieke ervaringssterfte’. Actuarissen zijn geen waarzeggers dus dit moet een punt van discussie zijn tussen de actuaris en het bestuur: welke ervaringssterfte is fondsspecifiek? De actuariële bureaus beschikken over veel sterftedata van diverse grote, individuele ondernemingen en bedrijfssectoren. Maar in hoeverre is de ‘gemiddelde sterftedata’ binnen sector X ook ‘fondsspecifiek’ voor uw pensioenfonds? Weliswaar valt ook uw onderneming binnen sector X, maar uit de jaarlijkse technische analyse blijkt dat er steeds weer een signifcante afwijking is van die gemiddelde sterftedata. Tijd dus om kritisch naar de ‘fondsspecifieke ervaringssterfte’ te kijken maar vooral wat de invloed van een wijziging hiervan kan zijn op de technische voorziening. En ja, dit kan zowel positief als negatief uitwerken.

Het doel van de Masterclass is om de uitkomsten van diverse actuariële berekeningen niet meer als vanzelfsprekend aan te nemen, maar eerst kritisch te kunnen beoordelen, alvorens hierop een beleidsbesluit te nemen.  Dit door de technische kant van het FTK op een begrijpelijke manier onder de aandacht te brengen van niet-actuarissen. U wordt een volwaardig gesprekspartner tijdens overleg in aanwezigheid van de actuaris, zonder gebruik te maken van een rekenmachine. En u kunt de wedervraag van de bovengenoemde actuaris beantwoorden ….

Disclaimer
Swalef streeft er naar de informatie correct en actueel te verstrekken. Aan de informatie die is verstrekt kunnen echter geen rechten worden ontleend.
Swalef aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor de inhoud en de informatie in dit nieuwsbericht.

Swalef pensioenjuristen en academie

Geschreven door

Swalef pensioenjuristen en academie | Ons bevlogen team van pensioenjuristen adviseert jou graag over pensioenjuridische kwesties. Vanuit de Academie verzorgen verschillende onafhankelijke docenten die opereren in de top van hun vakgebied, gecertificeerde pensioenopleidingen.